Home-pijl

Het stuk van Vivaldi dat in deel 2 van je vioolboek staat, is één van de aller-allerbekendste stukken uit de klassieke muziek. Het komt uit een serie van vier vioolconcerten, de Vier Jaargetijden. In de muziek worden de jaargetijden uitgebeeld. In de Lente hoor je bijvoorbeeld vogeltjes, in de Winter hoor je het klappertanden en het stampen met de voeten van de kou. Het thema uit de Herfst, dat jij speelt, beeldt een feest uit van boeren die net de oogst hebben binnengehaald.

Rood haar

Antonio Vivaldi had opvallend rood haar. Het is wel bijzonder dat we dat weten, want in de tijd van Vivaldi (1678-1741) droegen mensen meestal een ...pruik! Kijk nog maar eens naar het portret van Bach, die in dezelfde tijd leefde. Misschien staken er bij Vivaldi soms wat rode plukjes uit zijn pruik!

Weeshuis

Vivaldi was violist, vioolleraar en componist. Hij woonde en werkte in Venetië op een hele bijzondere plek: in een weeshuis. In dit weeshuis werden weesmeisjes of vondelingen opgevangen en opgeleid tot muzikant. Weesjongens hadden pech: die moesten een ander beroep leren! Als de meisjes na hun studie heel goed konden zingen of een instrument bespelen, mochten ze optreden in het koor of het orkest.

In Venetië was muziek heel belangrijk. In de tijd van Vivaldi waren er wel vier van zulke meisjes-orkesten en er werden heel veel concerten gegeven en opera's uitgevoerd.

Soloconcerten

Vivaldi is vooral beroemd om zijn soloconcerten. Een soloconcert is een muziekstuk voor een orkest en een solist. De mensen in het orkest spelen met z'n allen tegelijk. Niet allemaal dezelfde partij natuurlijk, dat zou saai zijn.
De solist speelt in z'n eentje een andere partij, die ook moeilijker is. Solo betekent ook: alleen. Als de solist speelt, speelt het orkest zachter, zodat je de solist goed kunt horen. Je kunt wel raden dat Vivaldi vooral vioolconcerten schreef. Hierbij wordt de solo-partij dus door een violist gespeeld.

De concerten van Vivaldi bestaan altijd uit drie delen. Dat zijn eigenlijk drie aparte stukken. Het eerste deel is meestal snel en vrolijk. Het tweede deel is langzaam en soms een beetje droevig. Het laatste deel is meestal nóg sneller en vrolijker dan het eerste deel.

Luisteren!

De concerten van Vivaldi zijn erg mooi. Omdat hij veel concerten voor zijn leerlingen schreef, zijn sommige concerten niet zo moeilijk. Wanneer jij in deel 3 bent van Zo speel ik viool zul je al een vioolconcert van Vivaldi kunnen spelen.
Zin om alvast te luisteren? Zoek dit concert maar op: A. Vivaldi concerto in a op. 3 nr. 6.